Is plas ophouden slecht?

Plas ophouden

Iedereen houdt wel eens zijn of haar plas op. Het komt even niet goed uit of er is geen (schoon) toilet in de buurt. Het is niet erg om een keer wat langer te wachten om naar het toilet te gaan, maar het is beter om dit niet te vaak te doen. De plas ophouden kan op lange termijn namelijk leiden tot een overactieve blaas en kan bovendien zorgen voor nierproblemen.

Inhoud

  • Oorzaken overactieve blaas
  • Waarom is plas ophouden gevaarlijk?
  • Behandeling overactieve blaas
  • Oplossingen overactieve blaas

Ongeveer 8 procent van de volwassenen in Nederland heeft last van een overactieve blaas. Van een overactieve blaas is sprake als de blaas vaak een signaal van aandrang afgeeft, zonder dat iemand daadwerkelijk moet plassen. Daarnaast komt het ook voor dat iemand met een overactieve blaas regelmatig last heeft van ongewild urineverlies. In het geval van ongewild urineverlies bij een overactieve blaas wordt ook wel gesproken van aandrangincontinentie.

Oorzaken overactieve blaas

Eén keer de plas ophouden zorgt niet direct voor een overactieve blaas, maar doet iemand dit regelmatig en over een langere tijd kan het gevaarlijk zijn. Als mensen hun plas ophouden komt er te veel druk op de blaas. Hierdoor rekt de blaas steeds verder uit en bestaat de kans op een overactieve blaas. Andere redenen voor een overactieve blaas zijn een blaasontsteking of een verdikking van de blaaswand. Door een blaasontsteking of verdikking van de blaaswand kunnen er problemen ontstaan met de verwerking van het signaal van aandrang en de werking van de blaasspieren. Andere mogelijke oorzaken van een overactieve blaas zijn storingen in de hersenen, een opgezette prostaat bij mannen en bekkenbodemproblemen bij vrouwen.

Is plas ophouden slecht?

Waarom is plas ophouden gevaarlijk?

Naast een overactieve blaas kan langdurig de plas ophouden op termijn leiden tot blaasontstekingen en nierproblemen. Blaasontstekingen ontstaan doordat bacteriën uit de darmen in de blaas terechtkomen. In stilstaande plas kunnen de bacteriën zich razendsnel delen. Daarom is het belangrijk om niet te lang met een volle blaas rond te lopen, zodat eventuele bacteriën uit het lichaam worden verwijderd. Vaak de plas ophouden kan bovendien leiden tot een nierbekkenontsteking, met in sommige gevallen zelfs bloedvergiftiging ten gevolg, en andere nierproblemen. Raadpleeg bij een overactieve blaas of een blaasontsteking daarom altijd zo snel mogelijk een huisarts.

Behandeling overactieve blaas

Voorkomen is beter dan genezen. Dat geldt ook voor een overactieve blaas. Daarom is het belangrijk om op tijd naar het toilet te gaan en zo min mogelijk de plas op te houden. Als er toch sprake is van een overactieve blaas zijn er gelukkig diverse behandelingen mogelijk. Meestal vraagt een specialist om eerst een plasdagboek of mictielijst bij te houden, hierin dient te worden bijgehouden wat iemand drinkt, wanneer en hoeveel, hoe vaak iemand naar het toilet moet, hoeveel iemand plast en tegen welke plasproblemen iemand aanloopt zoals ongewild urineverlies. Samen met een huisarts of bekkenbodemfysiotherapeut kan vervolgens worden gestart met blaastraining. Blaastraining bestaat uit bekkenbodemtraining en oefeningen om het plasritme te herstellen. Uitgangspunt is dat een gezonde volwassene niet vaker dan 8 tot 10 keer per dag naar het toilet moet.

Oplossingen overactieve blaas

Als plastraining na drie maanden nog geen resultaat oplevert, kan een huisarts besluiten om medicijnen voor te schrijven. Een veel gebruikt geneesmiddel voor een overactieve blaas is tolterodine. Dit middel ontspant de blaaswand en zorgt ervoor dat iemand minder vaak aandrang voelt om te plassen. Het kan verlichting geven, maar het is niet bekend of het effect blijvend is. Ook dient er rekening mee te worden gehouden dat medicijnen verschillende bijwerkingen kunnen geven. Daarom is het beter om te voorkomen en op tijd een toilet op te zoeken. Andere dingen die kunnen helpen zijn het drinken van voldoende water, het matigen van alcohol- en koffiegebruik en stoppen met roken.